In het studiejaar 2008/2009 volgen 286.000 jongeren van 15 tot 25 jaar een opleiding in het hoger beroepsonderwijs. Hoogopgeleiden doen het goed op de arbeidsmarkt. Van de 25- tot 35-jarige hoogopgeleiden is bijna 94 procent aan het werk. Zij zijn vooral werkzaam binnen de zakelijke dienstverlening, in de gezondheids- en welzijnszorg en in het onderwijs. Mannen en autochtonen hebben iets vaker een baan dan vrouwen en allochtonen. Vrouwen en allochtonen behoren vaker tot de niet-beroepsbevolking. Ook in 2009 hebben bedrijven vooral behoefte aan goed opgeleid personeel. Voor ruim 60 procent van de vervulde vacatures was een middelbare of hogere opleiding vereist. Uit onderzoek van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) van de Universiteit Maastricht blijkt dat hbo-afgestudeerden, die tijdens de 2009 recessie de arbeidsmarkt betreden op de lange termijn geen verhoogde kans op werkloosheid hebben, niet op een lager baanniveau hoeven te werken en ook geen lager salaris zullen ontvangen.
De werkloosheid onder pas afgestudeerde hbo'ers kan op korte termijn wel tijdelijk toenemen. Het totale aanbod HBO vacatures in Nederland verandert vrijwel dagelijks maar wordt momenteel geschat op tussen de 10.000 en 12.000 vacatures. Dit zijn alle online en offline aangeboden hbo-vacatures inclusief fulltime en parttime functies, seizoenswerk en functies op oproepbasis en contract- of projectbasis. Sinds het vierde kwartaal van 2008 zijn het totaal aantal vacatures in Nederland sterk gedaald. In december 2008 stond de CBS teller op totaal 198 duizend vacatures. In december 2009 steeg het vacatureaanbod licht; de eerste kwartaalstijging sinds begin 2008.
Uit het ROA-onderzoek blijkt dat voor ongeschoolde jongeren en academici de vooruitzichten tot 2014 slecht zijn. Voor mensen met een hbo-opleiding zijn de vooruitzichten op een baan het beste. Dat komt omdat op dat niveau veel banen vrijkomen en de vraag naar vervangers dus groot is. Voor academici is het minder gunstig; er komen relatief meer afgestudeerden van de universiteiten dan dat er banen voor hun beschikbaar zijn. Het ROA verwacht dat in 2013 de werkgelegenheid nog niet hersteld is van de crisis. Er zullen dan 220.000 mensen minder aan het werk zijn dan in 2008. In vrijwel alle sectoren neemt de vraag naar personeel af, met uitzondering de zorg waar de vraag naar personeel met 1,9% per jaar toeneemt. Op HBO-niveau zijn de arbeidsmarktperspectieven voor de verschillende opleidingscategorieën redelijk tot goed. Voor HBO onderwijs zal de werkgelegenheid nagenoeg constant blijven. De vervangingsvraag is echter bovengemiddeld groot, terwijl de instroom van
arbeidskrachten vrij laag is. Hierdoor worden binnen HBO onderwijs goede arbeidsmarktperspectieven voorzien van afgestudeerden, met uitzondering van afgestudeerden van HBO lerarenopleiding talen en HBO lerarenopleiding lichamelijke opvoeding. Het ROA onderzoek geeft tevens een indruk van de toekomstige wervingsproblemen die werkgevers kunnen verwachten voor de verschillende opleidingstypen. Op de hogere opleidingsniveaus hoeven werkgevers over het algemeen geen grote knelpunten te verwachten met uitzondering van de opleidingen gericht op de zorg en het onderwijs. Op HBO-niveau zijn de knelpunten in de personeelsvoorziening het grootst voor HBO onderwijs en HBO paramedisch. Voor HBO onderwijs is er één opleidingstype waar zelfs zeer grote problemen verwacht kunnen worden bij het invullen van vacatures, namelijk HBO lerarenopleiding medisch en verzorging. Daarnaast zijn er nog enkele opleidingstypen waar werkgevers grote knelpunten tegemoet kunnen zien, te weten HBO lerarenopleiding basisonderwijs, HBO lerarenopleiding natuur en techniek, HBO lerarenopleiding economie en maatschappij en HBO lerarenopleiding expressie. Voor HBO paramedisch geldt dat er (zeer) grote knelpunten voorzien worden voor HBO verpleegkunde, HBO radiologie en HBO (fysio)therapie.

Aantal uur per week:
Opleidingsniveau:
Werkervaring:
Plaatsingsdatum: